• Uitgangspunten

    Binnen 1Gezin1Plan...

    1. Werken we systeemgericht en holistisch

    De klant leeft (meestal) binnen een huishouden of een gezin. Dit systeem is een netwerk van relaties die elkaar continu beïnvloeden. Het gehele systeem wordt meegenomen in de coördinatie van zorg. Alle leden van het systeem zijn klanten, niet alleen de klant waar financiering voor is. Daarbij gaan we uit van de mens als geheel. Er is aandacht voor krachten en zorgen op alle leefgebieden.

    2. Staat de klant(en) centraal en versterken we zelfregie, eigen kracht en zelfverantwoordelijkheid

    De klant(en) geeft richting aan het traject, de ondersteuning en het plan. We stellen de klant(en) centraal en stimuleren de klant(en) actief in het nemen van zelfregie. We versterken het vermogen van een persoon om eigen mogelijkheden te gebruiken en zelf oplossingen te bedenken voor problemen en deze oplossingen eventueel met anderen uit te voeren.
    We versterken het vermogen van een persoon om rekenschap te geven over de gevolgen van zijn keuzes.

    3. Versterken we het sociaal netwerk, samenredzaamheid en participatie

    We versterken het netwerk in de eigen omgeving door het in kaart brengen van het netwerk en de leden van het netwerk met elkaar te verbinden. Het gaat hierbij om familie, vrienden, buurtbewoners en vrijwilligers. We versterken het vermogen om van de ondersteunende elementen uit dat netwerk gebruik te maken. We versterken ook het vermogen van een persoon om samen met anderen voorzieningen te treffen die deelname aan het maatschappelijke verkeer mogelijk maken. We vergroten de mogelijkheden (werk, school, dagbesteding) waardoor een persoon deelneemt aan de samenleving.

    4. Bieden we ondersteuning binnen een samenhangend systeem

    We werken samen en zorgen voor verantwoorde verbinding van de ondersteuning. Betrokken professionals zien dat problemen van ouders hun weerslag hebben op kinderen en zij oog hebben voor alle gezinsleden. De veiligheid van kinderen moet voldoende worden geborgd. De zorgcoördinator heeft het totaalplaatje van alle problematiek. Bij het beoordelen van de veiligheid van kinderen moet niet (alleen) gekeken worden naar de zogenaamde kindsignalen, maar wordt uitgegaan dat volwassenproblematiek altijd ook kindproblematiek is, met of zonder kindsignalen.
    Datzelfde geldt voor kwetsbare ouderen. Ook bij hen is het van belang te onderzoeken in hoeverre de problemen van verzorgers hun weerslag hebben op de oudere. We streven naar duurzame veiligheid binnen de ondersteuning die we bieden.

    5. Maken we samenhangende afspraken, ook over op- en afschalen

    Als er zorgen bestaan over de veiligheid van kinderen of andere gezinsleden, kan zorg en ondersteuning wel vrijwillig, maar niet vrijblijvend zijn. We communiceren hierover helder naar klant(en). Tevens moeten er goede afspraken worden gemaakt onder welke omstandigheden de zorg en ondersteuning vrijwillig kan blijven en in welke gevallen er opgeschaald zal worden naar het gedwongen kader. We streven naar continuïteit binnen de afspraken die we maken.

    6. Bieden we samenhangende zorg

    We hebben oog voor chronische problematiek bij kwetsbare huishoudens/gezinnen. We herkennen chronische problematiek en handelen daarnaar. Deze problematiek staat niet op zichzelf, maar naast elkaar en versterkt elkaar. Bij het inschatten van de zelfredzaamheid wordt rekening gehouden met de implicaties van eventuele chroniciteit voor de draagkracht van huishoudens/gezinnen. Chroniciteit geeft blijvende veiligheidsrisico’s voor jeugdigen, kwetsbare ouderen en hun gezinsleden, ook als het acute probleem van een crisis bedwongen is. Kwetsbaarheid en chroniciteit betekent dat de intensiteit van de zorg van wisselende aard kan zijn. We streven naar duurzaamheid binnen de zorg die we bieden en in het steunsysteem om het huishouden/gezin heen.